Column 29 november.

Opname 29 november 2022.

Nee, over Matthijs van Nieuwkerk ga ik het hier met u niet hebben. De media en vooral de ochtendkranten stonden er vol mee. Hoge bomen vangen veel wind. Teveel wind, volgens mij. Zoveel aandacht voor een bekende presentator met een onaardig karaktertrekje. Vol met stress op de werkvloer, zo erg dat hij anderen de stuipen op het lijf joeg. Nee, ik ga het hier nu niet met u over hebben.

Iets heel anders. De aandacht voor Oekraïne verflauwt. Daar rekende Poetin al op en dat is zorgelijk. Ik bemerk het ook bij mezelf; ik ben die oorlog moe, al die ellende moe en dus de oorlog in Oekraïne moe. Dat is heel erg. De ellende onder de bevolking aldaar is verschrikkelijk. Ik voel me dan ook schuldig nu ik dit opschrijf. Maar het is echt zo.

Als binnenkort mijn abonnement op de ochtendkrant afloopt, dan neem ik voorlopig geen krant meer. Ik ben moe van die contante stroom van ellende. Ook kijken wij beiden, mijn vrouw en ik, bijna geen televisie meer. De radio staat nog wel eens aan. Maar dat is het dan wel.

En vanavond Oranje tegen de mannetjes uit Qatar. Ik beloof u dat ik even ga kijken, zolang ik dat vol houd. Want als het aanzien van onze oranjekittens niets meer waard blijkt haak ik af. Opgeklopte commercie is het van een door en door corrupte organisatie met een voorzitter waar de dollartekens in zijn pupillen staan en niet anders. Hoewel ik het spelletje leuk vind, vooral met sportieve miljonairs als Mbape aan de bal, heb ik het wel gehad met al die opgeklopte ego’s.

Rik Bronkhorst.

De liefde is fijn…..

De liefde is fijn, de liefde is heerlijk, ik meen dat Ramses Shaffy dat eens uitsprak in een interview, misschien wel in een lied. Ja, ik kan mij daar wel in vinden. De vraag is echter blijft die liefde zo fijn en zo heerlijk met het verstrijken van de tijd. In den beginne… was er niets, plotseling of langzaam groeiend is daar dan de liefde. Verliefdheid eerst? Of langzaam groeiende liefde, uitbreidend als een zoete honingplas vol aandacht en passie. Misschien behoort u tot die gelukkigen die beide verschijnselen kennen, misschien ook niet. Kent u geen van beiden. Die mensen heb ik ook gekend. Een man van 48 die nog nooit iemand gezoend had, of een na ruim veertig jaar streng klooster uitgetreden non die met verwondering alle nieuwe dingen in de samenleving ging ontdekken. Maar zoenen en liefde? Nee, dat kende zij niet op menselijk vlak. Spiritueel met Christus, warm met God, ja dat kende zij wel en dat heeft haar ook nooit verlaten. Ondanks dat zij afstand nam, steeds meer, van de meer traditionele vormen van geloven. Op geestelijk spiritueel vlak werd zij wel gezoend door God, aan de hand genomen door Jezus. Zij werd steeds wijzer en eigenwijzer. Maar vol op de mond of heerlijk langs glijdend over een zinderende huid, dat geluk was haar niet beschoren. Ik wist dat uit lange of terloopse gesprekken met haar. Daarom gaf ik haar na afloop van de dienst in de kerk maar een stevige pakkerd op haar wang of hield dat broze oude lijfje maar even innig in mijn armen. Ik dacht dat haar dat geen kwaad kon doen. Door decennia lang die nonnenkap op haar hoofd waren haar haren nog maar in vlassige plukjes aanwezig. Bij zo’n omhelzing viel haar pruik dan wel eens op een oor. Ze had het er graag voor over. Ook al ontstond er enige verwarring bij haar doordat zij zich betrapt voelde over haar kaalheid. 

Liefde, heerlijke liefde, fijne liefde, hoe velen van u zijn daar naar op zoek? Hoe velen hebben die bijzondere liefde gevonden? En hoe velen raakten haar (of hem) weer kwijt? De pijn die dan optreed is verschrikkelijk. Verscheurende pijn, afgrijselijke diepe pijn. Soms ook niet, dan zijn mensen gewoon klaar met elkaar. Vaak na jarenlange strijd. Maar ook hier is er die pijn. Dat proces van onthechting, loslaten, alleen voelen. Zijn wij dan ten diepste heel eenzame wezens op zoek naar die ander die ons gemis in onszelf aan kan vullen? Is er na Adam en Eva een chronisch lijden onder de mensheid gekomen? Zijn wij altijd maar op zoek naar de vervulling van eenzaamheid? En welke prijs betalen wij daarvoor? Bindingsangst, verlatingsangst, onzekerheid over onszelf en/of de ander? Kent u dat? Of behoort u tot de (on)gelukkigen die daar nooit last van hebben. Die de keuze hebben gemaakt zich nooit te binden of juist wel volledig te verbinden. Ikzelf ken vele voorbeelden, ook van mezelf gedurende een mensenleven, waarin het goed ging en goed was en toch….. Dat duiveltje stak zijn kop op, begon te knagen. Als je dan niet in alle openheid een relatie hebt die zorgzaam is en wederkerigheid kent, dan haal je zo maar de eindstreep. Daar wachten geen bloemen. Daar ligt de pijn voor het opscheppen. 

Vele wijze boeken zijn er over geschreven, het Hooglied staat er vol mee, de Liefde. Over de andere kant zijn hele boekenkasten vol geschreven, de verdwazing die leidt tot uiteen raken.

En toch de Liefde met een hoofdletter. Ik heb er meerdere gekend en ik had er geen een willen missen. Hoe pijnlijk soms ook als die liefde eindigde. Liefde is het mooiste geschenk op aarde.

Rik Bronkhorst.

A-sociaal of juist niet…….

.Vandaag las ik in Trouw een artikel van een antropologe die zegt dat haar voorspelling is, dat wij over 10.000 jaar heel slim maar niet langer “menselijk” zullen zijn. De empathie verdwijnt, de zorg om de ander verdwijnt, we raken meer en meer individualistisch ingesteld. De zorg voor elkaar van familie, buurt, dorp, het zal allemaal minder worden.

10.000 jaar verder? Ik denk zelf dat wij nu al behoorlijk onderweg naar die toekomstverwachting afdrijven. Juist dat “menselijk” van “aardig zijn naar elkaar”, dat verdwijnt langzaam maar zeker. Vriendschappen heten nu netwerken en duren zolang het netwerk profijt oplevert. Vooraf gegaan door een, wat ik noem Amerikaanse hartelijkheid “vriendschap” die heel open en close overkomt, maar die niet beklijft, niet bestendigd, omdat de ander zich niet echt verbindt.

Is dit te somber? Vast wel, want ik zie in mijn eigen leven dat vriendschappen zeer langdurig en intens zijn, open en eerlijk, ondersteunend en hartelijk. Maar ik ben dan ook de zestig gepasseerd. Ligt het dan aan de generaties? Of is het een evolutieproces?

Dick Hillenius (1927-1987), bioloog, dichter en schrijver, deed proeven met ratten. Hij ging er vanuit dat ratten een soortgelijk sociaal groepsleven onderhouden als wij mensen. En met name de toekomst van ons mensen met overbevolking had zijn interesse. Hij plaatste dus telkens een rat meer in de kooi. En waar alles eerst heel sociaal en goed ging, werd op zeker moment de “overbevolking” een groot probleem: de ratten werden egoïstischer en uiteindelijk vielen zij elkaar aan en stonden elkaar naar het leven.

Ik moest hier weer aan denken naar aanleiding van dat artikel in Trouw. Dus toch een evolutieproces? In de praktijk van alle dag zie ik dat individualistische bij mensen hand over hand toenemen.

Voorbeeld: er staat een oude vrouw met boodschappentassen klaar om over te steken. Auto’s razen de bocht om vlak voor haar voeten, fietsers kruisen zonder de hand uit te steken haar blikveld, wandelaars steken over tussen het verkeer door en laten haar staan. Sterker nog zij valt hen niet eens op. Ik stap de straat op bij de bocht, steek mijn hand op tegen de haastige automobilisten en help het vrouwtje met oversteken.

Voorbeeld: een tachtiger, oude man, staat op zijn pantoffels in zijn overhemdje tegen een muur van een huis geleund in de binnenstad. Het is vrijdagochtend, koud en druk met passanten op weg naar de markt. Iedereen loopt door, niemand ziet ook maar even de man en zijn radeloze blik. Ik loop naar hem toe en vraag of het wel goed met hem gaat. “Nee”, schudt hij ontredderd het hoofd. “Waar komt u vandaan, waar woont u?” vraag ik de grijsaard. Hij maakt een vaag gebaar: “daar ergens”. Ik steek mijn arm door zijn arm en breng hem naar het dichtstbijzijnde bejaardenhuis. Dat blijkt het verkeerde bejaardenhuis te zijn. Gelukkig begreep men daar zijn en ondertussen mijn probleem. Hij bleek uit een ander, wat verderop gesitueerd bejaardencomplex te zijn weggelopen. Het is gelukkig goed met hem afgelopen.

Voorbeeld: een met goud omhangen invalide bejaarde mevrouw staat aan de rand van het park met haar scootmobiel. Zij is duidelijk “de weg” kwijt. Iedereen loopt haar voorbij. Ik spreek haar aan en ja hoor ze wist niet meer waar zij naartoe moest. Wel wist ze de naam van het verpleeg/bejaardenhuis. Ik bel mobiel de stadswachtpost en binnen no time komen er twee stadswachten op de fiets haar uit haar benarde positie bevrijden en brengen haar naar huis.

Maar wat als ik haar niet aanspreek, met al dat op te rapen goud aan hals en polsen aan de rand van het park? Over 10.000 jaar schreef die antropologe vandaag 17 november 2010 in een artikel in de krant. An me hoela! Kijk maar eens om u heen! Dit artikel is van ruim 10 jaar geleden. Hoe staat het er nu voor? Hoe denkt u hierover? Belangrijker is: ‘ Hoe gedraagt u zich om de samenleving ietsje draaglijker te maken?’ Ik ben er vast van overtuigd dat met vriendelijkheid en omzien naar elkaar ook uw eigen leven een beetje aangenamer wordt.

Rik Bronkhorst.

Klapekster.

Foto: Henny De Bruin.

Hier ziet u een klapekster op zijn uitkijkpost, meestal in een heideveld, naar prooi speurend.

Klapeksters eten kleine vogels, kleine zoogdieren, kikkers en hagedissen. De buit wordt vastgeklemd tussen takken, en soms opgeprikt.

Klapeksters broeden zelden in Nederland. Je ziet ze dan ook vaker in de herfst en winter als doortrekkers/wintergasten.

Rik Bronkhorst.

Bij de visboer.

Bij de visboer zat ik een broodje haring te eten op het bankje naast het fonteintje en weer daarnaast stond de eigenaar haring schoon te maken. Het was druk in de zaak. Plotseling ging de deur open en stapte er een mevrouw van achter in de veertig de viszaak binnen. Zij straalde! Het was een genoegen haar zo gelukkig te zien. Gelukkig en evenwichtig.

Toen ze vertrokken was zei ik tegen de visboer: ‘ Zag je die mevrouw en hoe gelukkig zij er uit zag?’ Hij antwoordde: ‘ Ja, dat zag ik ook’. Even zwegen we, toen ging hij verder: ‘ Erg he, dat ons dat zo opvalt’. Verwonderd keek ik hem aan. We hebben regelmatig een gesprek over van alles en nog wat, maar zo’n diepgang had ik van deze haringsnijder niet verwacht.

In gedachten verliet ik de zaak.

Rik Bronkhorst.

De maandagblues.

Heeft u dat nou ook? Dat u de nieuwe week met tegenzin begint? Nou, ik wel. Er ligt een zwaarmoedige deken over mijn lichaam dat moe aanvoelt. Ik heb het koud, rillingen lopen over mijn lijf. Ik trek nog een dekbed over mij heen en doezel. Wat heerlijk, buiten is het licht, ogen dicht, stilte om mij heen en doezelen. Ik wil mijn bed niet uit.

Op maandagochtend heb ik nooit veel om handen. De agenda is leeg aan het begin van de week. Dus ik hoef er ook niet uit. Stiekempjes genieten dus. En dat wordt mij gegund. Bezige-bij -echtgenote neemt mij dit moment van warme stilte in het grote niets niet kwalijk. Dat is fijn. Je zult maar zo’n slavendrijver als partner hebben die constant achter je broek aan zit om dit of dat te doen.

Nee, ik prijs mij gelukkig. En ik moet zeggen dat door het mij overgeven aan mijn maandagochtendblues ik mij ’s middags weer prima voel. Uitgerust gaat dan op pad. Zoals vanmiddag naar Mapping the Future in het Groene Huis. Reuze benieuwd wat en wie ik daar aan zal treffen. Misschien zien we elkaar aldaar?

Rik Bronkhorst.

Dementie?

Na een bezoek aan de sauna betrad ik de ruimte waar ik mij weer aan kon kleden. Tot mijn verbijstering lagen mijn kleren en mijn schoenen er niet meer. Daar stond ik. In opperste verwarring.

Gelukkig was dit maar een droom. Wel een droom die zich in allerlei variëteiten herhaalt. Ik zoek overal in de kledingruimte en echt schoenen en kleren zijn weg. Vannacht begreep ik plotseling wat die dromen mij wilden zeggen. Ik herkende mijn schoenen niet meer. Ik wist niet meer welke schoenen van mij waren. Ze lagen er wel! Maar ik herkende ze niet meer. Dementie, Parkinson dementie?

Dat mijn kleren er ook niet meer lagen was volgens mij bij uitleg van mijn droom een teken dat ik mij realiseerde dat ik mijn identiteit kwijtraakte. Ik kon mij niet meer kleden en voelde mij naakt, omdat ik niet meer mezelf was. Ik was mezelf kwijtgeraakt.

Dit is mijn grootste angst, dat ik ten onderga aan Parkinson dementie. Ondanks dat de neuroloog mij verzekerde, dat de hersenscans aantonen dat de doorbloeding van mijn hersenen op en top is. Ik zit nog in een vroeg stadium van de Ziekte van Parkinson en Levodopa helpt mij geweldig tegen het trillen. Maar die kop, ja die kop, hoe houdt die zich…

Van een lezeres, mantelzorger, hoorde ik het verhaal over haar echtgenoot. Hij is onderweg met meneer Parkinson en dementie. Hij herkent haar vaker niet meer. ‘Ik ben mijn man kwijt’, zei ze met tranen in haar ogen. ‘Zo’n leuke intelligente man, breed onderlegd. Hij is nog steeds in staat om allerlei informatie over een onderwerp naar voren te halen, maar met mij praat hij over mij zonder zich te realiseren dat ik het ben’.

En dan komen we op het punt hoever kun je gaan als mantelzorger? Hoelang kun je nog zorgen voor jouw geliefde? Is er een geschikte plek voor Parkinsonpatiënten die 24 uurs zorg nodig hebben? Wij Parkinsonpatiënten zijn anders. Is het mogelijk dat er kleinschalige units komen waar wij de zorg kunnen krijgen die we nodig hebben? Dat zou in alle ellende een hoop schelen!

Rik Bronkhorst.

Column in Parkinson Magazine, oktober 2022.

Vogelgriep en onverdraagzaamheid.

In Nederland zijn sinds oktober 2021 meer dan 5 miljoen kippen, eenden en kalkoenen gedood vanwege een besmetting met vogelgriep of een ruiming uit voorzorg. In het rampjaar 2003 waren dat er meer dan 30 miljoen. De laatste jaren waren het er rond de half miljoen. Nu staat de teller op ruim 5 miljoen en het einde is nog niet in zicht.

De grote hoeveelheden pluimvee bij elkaar bevorderen infecties en dus de ruiming van kippen. Als we uit economisch oogpunt zoveel dieren bij elkaar willen houden, dan lijkt vaccinatie tegen de ook voor mensen overdraagbare vogelgriep logisch. Maar zo eenvoudig is dat niet. De Europese Unie verbiedt de export van gevaccineerde dieren omdat testen op het virus bij geïnfecteerde en gevaccineerde kippen hetzelfde resultaat oplevert. Zo is dus niet te zien welk dier ziek is en welk gevaccineerd. Niemand wil een ziek dier op zijn bord. Zowel in Nederland als in het buitenland niet. Het welzijn van het dier gaat dus ten onder aan het economisch belang. Gevolg: een patstelling en shovels die miljoenen gedode dieren de vrachtwagens, die ze moeten afvoeren, in kieperen. Een schrikbeeld voor de betrokken kippenboeren en hun collega’s. Veganisten komen hiertegen in opstand en ik begrijp dat. Zoveel leed is voor niemand met enig respect voor het leven om aan te zien. Toch moeten we hier samen uitkomen. Onverdraagzaamheid leidt tot nog meer ellende en geeft geen oplossing.

Ik wil dan ook deze column positief eindigen met een ander geluid tegen onverdraagzaamheid:

In gelukkiger jaren op een van mijn fietstochten door het buitengebied, kwam ik in de buurt van Barneveld. Loslopende scharrelkippen op een kale zandvlakte keuvelden met elkaar.

Plotseling trok een der dames mijn aandacht. Waarom? Nou, ze had een kale kont. Alle veren waren van haar achterste weggepikt. Schichtig keek zij telkens om haar heen en vooral naar achteren. net of zij verwachtte onverhoeds belaagd te worden.

Nu was er geen haan te bekennen daar op die harde woestenij. En van de grote groep haar vergezellende hennen had zij toch niets ernstigs te verwachten? Toch bleef zij schichtig achterom kijken. Was het angst voor de kippenboer? Wie heeft haar de veren van de kont geplukt?

Plotseling, daar ging ze in gestrekte draf met de veren van haar vleugels voor de kont naar binnen, de ruime kippenschuur in. Ze keek nog even achterom of niemand haar volgde.

Ik was intussen afgestapt van mijn fiets, benieuwd hoe dit zou aflopen. Wat zou er aan de hand zijn met deze kip? Daar kwam ze weer naar buiten met een enigszins verward uiterlijk. Ze had een bruin ei gelegd in een wereld volle witte eieren.

Een buitenbeentje, deze kip. Vol schaamte en op haar hoede hield ze nog steeds haar vleugelveren voor haar kale kont. Haar kippenhoofdje scheef ietwat bedeesd en treurig tussen haar schoudertjes getrokken. Ja, ja, het valt niet mee om in Barneveld tussen al die witte hennen een bruin ei te leggen…

Rik Bronkhorst.

Opname 18 oktober 2022.

Oprutte!

Column 31-8-2022.

Vrijheid’ stond er met witte letters gekalkt op het fietspad, met daarboven een groot hart of wat daar voor door moest gaan. Het konden net zo goed een paar billen zijn die parmantig naar boven gekeerd waren. Ik begon hierover te fantaseren. Niet over die billen natuurlijk, hoewel misschien net iemand van mannelijke kunne, die uit de kast gekropen was, zijn roep naar vrijheid met ons anoniemen wilde delen. Je weet het maar nooit wat iemand beweegt om zo’n hartenkreet op een fietspad halverwege een nieuwbouwwijk op straat te kalken.

Even verderop stond er weer iets in hetzelfde handschrift gekalkt. ‘Oprutte’ stond er. Toen begreep ik het protest. Iemand wilde duidelijk maken dat hij of zij de beperkende maatregelen van Corona en stikstof niet meer pikte. Deze noodzakelijke maatregelen van de overheid beklemde schijnbaar deze persoon in grote mate. ‘Vrijheid’.

Nu zie je wat vrijheid beperkende maatregelen in de voormalige Sovjet Unie en het huidige Rusland doen met de burgers aldaar. Als je daar je stem laat horen simpel weg omdat je vragen hebt over het regeringsbeleid of het er niet mee eens bent, dan verdwijn je achter slot en grendel. Weg Vrijheid!

Hier mag een verdwaasde Engel zijn gif rondspuiten en hele volksstammen de straat opjagen om te protesteren tegen regeringsmaatregelen, die volgens de overgrote meerderheid van ter zake kundige wetenschappers, hard nodig zijn.

‘Oprutte’. Nu zijn we allemaal wel een beetje Ruttemoe na alle schandalen en zeker nu met de vier grote crisissen; stikstof, asielzoekers, energie en inkomen. Een grote groep burgers ligt naar adem te happen. Terwijl de megabedrijven hun winsten tot door het plafond zien stijgen. De aandeelhouders juichen en de grote bazen strijken weer miljoenen bonussen per jaar op als dank daarvoor. Dat is ‘Opputte’ van kapitaal op kapitaal.

Ergens klopt er dus iets niet in de beloning van burgers van dit land. Na al die regeerperioden van VVD en CDA tezamen waarin er veel is misgegaan, maar de winsten torenhoog oplopen, dienen er oplossingen te komen die hout snijden. Laten de dames en heren van de partijen die erbij zaten en de andere kant opkeken, waardoor het schip van staat op ramkoers is komen te liggen, de puinzooi zelf maar opruimen. ‘Oprutte’ en anderen de vuile was laten opknappen, lijkt mij ook de oplossing niet. ‘Oplosse’ dus!

Rik Bronkhorst.